Psycho-Plus Wie? Wanneer? Wat? Waarom? Waarvandaan? Waarheen? Waar?
In de ontwikkeling van mijn praktijk is, naast de hiervoor genoemde invloeden van 'psychologie', 'hypnotherapie' en 'zorgverzekering', een vierde factor van doorslaggevend belang gebleken: de invloed van 'spirituele bronnen'. Deze vierde invloedssfeer kwam in eerste instantie uit het werk zelf naar voren, doordat cliënten via hypnotherapie in contact begonnen te komen met hun geestelijke bronnen. Daarbij ontdekten zij niet alleen de dieper gelegen motieven en ervaringen van hun eigen ziel, maar ook de aanwezigheid van onzichtbare helpers uit de geesteswereld. Die helpers, meestal benoemd als 'gidsen' of 'engelen' bleken een grote rol te spelen in hun therapeutische processen, vooral bij reïncarnatie­therapie – waarin immers alles draait om helings­processen op zielsniveau. Bij mijn eigen groei in dit werk werd mij geleidelijk aan steeds duidelijker dat deze therapieën, doorwerkend tot in de diepten van de ziel, eigenlijk werden aangestuurd en in goede banen geleid door die geestelijke helpers. Waar cliënten zulke helpers intuïtief waarnamen en de door hen aangereikte beelden en gedachten volgden, bleek steevast dat de therapeutische processen veel gerichter en effectiever begonnen te verlopen. Deze ervaring bracht mij tot de overtuiging dat intuïtief contact met deze helpers en afstemming daarop een wezenlijk en waardevol element is van reïncarnatietherapie.

In samenhang hiermee groeide ook mijn interesse voor de 'onzichtbare geesteswereld'. Vanuit mijn eigen rol als begeleider leek het belangrijk om hierover meer te weten en te begrijpen – en dit bracht mij al snel op het spoor van Rudolf Steiner: de grondlegger van de Antroposofie. Steiners diepgaande intuïtieve waarnemingen, neergelegd in talloze boeken en lezingverslagen, bleken voor mij van onschatbare waarde: ik vond hierin een hecht fundament voor het begrijpen en doorgronden van allerlei zaken die bij reïncarnatietherapie naar boven kwamen. En vanuit dat fundament – met als centrale thema's de ontwikkeling van de mensheid en het ontstaan van het 'kwaad' – bleek ik ook in toenemende mate in staat om mijn cliënten te helpen om tot wezenlijke inzichten over hun eigen zielsontwikkeling te komen.

Bij deze eerste bron van inzichten en inspiraties voegde zich nog een tweede, met de verschijning van Neale Donald Walsch' 'Ongewoon gesprek met God' en de boeken die daarop volgden. Nieuwe inspiraties en inzichten over doel en zin van het leven, over de relatie tussen mens en God en over de betekenis van Goed en Kwaad, begonnen helder binnen te stromen en bleken overigens op wezenlijke punten ook naadloos aan te sluiten bij het gedachtengoed van Steiner.

Tegen de achtergrond van deze beide, op elkaar aansluitende spirituele bronnen en gevoed door ontelbare, vanuit de geesteswereld geleide terugblikken van cliënten op hun eigen ziels­geschiedenis, heeft mijn praktijk zich steeds verder ontwikkeld tot een 'werkplaats' voor het geestelijk leven en voor heling en ontwikkeling van de ziel. Hiermee mag ook duidelijk zijn dat – uiteindelijk – de invloed van 'spirituele bronnen' overwegend is geweest in de vorming van deze praktijk.